Skip to content

Verbinden van de binnen en de buitenring

Een onderzoek naar de kracht van DOEN

Onze kernwaardes bepalen hoe wij onze omgeving inrichten en welk impact dit op anderen heeft.
Generaties lang is ons geleerd, dat groei noodzakelijk is om ontwikkelingen mogelijk te maken. We weten intussen dat dit verre van waar is. Ja, alles in de wereld heeft een groeifase, toch daarna komt bloei, volwassenheid … en de overgang naar de volgende generatie.

Willen we onze omgeving vanuit de gedachte van BLOEI ontwikkelen wordt het tijd dat we elkaar bevragen: wat is nodig zodat onze samenleving, we zelf, onze omgeving, de economie bloeit? Die vraag sluit aan bij het dynamisch evenwicht, dat gelinkt is aan het doughnut model … tussen de binnen- en de buitenring.
Welke ontwerpkenmerken moeten we kiezen om – afhankelijk van de schaal van invloed die je kiest – je familie, je vriendenkring, je werkomgeving, buurt, regio, land, internationaal een bloeiende samenleving te bouwen zonder de ecologische grenzen te doorbreken?
Het begint allemaal met een visie op wat je onder een bloeiende samenleving verstaat. Een visie, die voorbij hedendaagse platitudes durft te kijken, de lange termijn in acht neemt én je regionale identiteit inbed. Regionale identiteit is belangrijk voor maatschappelijke diversiteit. Om maar één facet de benoemen.

Hoe kunnen we de overstap maken van het dienstbaar zijn aan groei naar het faciliteren van bloei? Maak het tastbaar door voorbeelden te benoemen. Maak je eigen doughnut, maak iets wat je passie volgt.

Misschien een Achterhoek – Doughnut? Hierin kun je dan ook direct de regionale waarden en tradities opnemen, werken met het regionale bedrijfsprofiel, de innovatiekracht, het pragmatisme. Je kunt rekening houden met de eigenheden van de Achterhoeker. Naoberschap, zover (nog) voorhanden, maar ook veel nieuwe initiatieven laten zien, hoe groot de sociale verbondenheid hier in de regio is.

Samenwerking van bedrijven, organisaties en overheden in 8RHK ambassadeurs (ook al doen niet alle gemeenten mee), samenwerken van bedrijven in b.v. Stadsmijnen, samenwerken in sociaal/culturele initiatieven zoals repaircafés, eat to meet, Niemanders zijn daar al fijne voorbeelden van.

Aan de andere kant zien we ook lokale of regionale bedrijven in multinationals opgaan, met alle impact van dien: een Grolsch die intussen een heel doorverkoop-circus heeft doorstaan, een Zwarte Cross, die nu tot een internationaal festivalmagnaat behoord, een slachterij die opgekocht is door Vion, een Mainfright die half de ’s Heerenberger logistichub heeft overgenomen… je ziet onmiddellijk dat de regionale verbondenheid wegebt, de inbedding in het lokale gebeuren verdwijt, regionale ontwikkeling daar in die zin niet meer op de agenda staat. Hoever kan de Achterhoekse samenleveing daarmee blijven bestaan? Haar identiteit – waarin haar kracht ligt – in voldoende maten behouden; in de context van de 21ste eeuw? We vinden elkaar nog niet altijd even goed in de visie en passie voor deze regio, vanuit de verschillende initiatieven die hier ontstaan en zich ontwikkelen. Er zijn meer onderlinge verbindingen nodig! 😀

In de Achterhoek houden we van experimenteren, de status quo, waar die remmend wordt, uitdagen. Het vuur, de passie ligt zelden bij het braafste jongetje van de klas. De randjes opzoeken, de grijze gebieden uitloden, de blik over de grens, wat daar allemaal mogelijk is. Ontwikkeling van deze regio staat niet op de prioriteitenlijst van de randstad. Dat zullen we, net als in de laatste eeuwen, zelf op moeten pakken.

Doe je mee?

Eigenaarschap is ons in die zin dus niet vreemd. Eigenaarschap is iets anders dan eigendom. Idealiter voelt iemand voor zijn eigendom eigenaarschap en daarmee verantwoordelijkheid voor de gemeenschap.

Waar, bij wie precies liggen de bronnen voor welzijnscreatie in onze regio? We hebben het nu expliciet over welzijn, niet welvaart. Welvaart in het algemeen loopt in de westerse wereld behoorlijk uit de hand; we worden bedwelmd onder, we worden verlamd door veel te veel nutteloos spul. Welzijn relateert aan hoe we ons voelen, hoe we zijn als mens en maatschappij. Hoe waken we, dat niemand in onze omgeving iets essentieels tekortkomt? In wiens handen laten we de oplossingen rusten? Hoe intensief kijken we daadwerkelijk naar elkaar om? Delen we wat we hebben? Meten we onze rijkdom niet aan het tekort van een ander?

Waar begint, waar eindigt welzijnscreatie in de Achterhoek? Hoe gaan we hier ‘vitale maatschappelijke economie’ definiëren?

Back to top